Uit ‘Angst bij kinderen’

Enkele fragmenten uit het boek: ‘Angst bij kinderen: hoe pak je dat aan’
van Frits Boer. Houten, september 2011, Lannoo Campus, isbn 978 90 209 9953 2.

Intellectueel overvraagd

‘Als de leerstof op school te moeilijk is, wordt een kind op school voortdurend
geconfronteerd met zijn tekortkomingen. Sommige kinderen
worden daar somber of onverschillig door. Andere worden bang voor
de volgende confrontatie met hun falen. Vooral kinderen met een zogenaamd
disharmonisch profiel van hun intelligentie lopen het risico in
deze situatie terecht te komen. Het gaat hier om kinderen die op sommige
terreinen (bijvoorbeeld hun gevoel voor taal) veel meer begaafd
zijn dan op andere (bijvoorbeeld hun ruimtelijk inzicht). Op de omgeving
maken zij een normaal, zelfs bovengemiddeld begaafde indruk,
waardoor zij overvraagd worden op de gebieden waar ze zwak zijn.’

Sociaal overvraagd

‘Op school worden niet alleen eisen gesteld aan intellectuele maar ook
aan sociale vaardigheden. Voor kinderen die onvoldoende beschikken
over sociale vaardigheden, zoals kinderen met een autismespectrumstoornis
of een ernstige vorm van sociale angst kan de school ook een angstige plek zijn.’

Lichamelijk functioneren

‘Vooral adolescenten zijn zich bewust van hun lichamelijk functioneren,
zowel qua uiterlijk als qua vaardigheden. Jongeren die niet goed zijn in
sport of gymnastiek, of die bang zijn dat ze dik of lelijk worden gevonden,
kunnen daarom andere leerlingen en daarmee school willen
vermijden.

Verleiding door medeleerlingen

‘Soms wordt de school een angstaanjagende plek omdat een jongere er
zich blootgesteld voelt aan verleidingen, die hem in gewetensnood
brengen. Bijvoorbeeld om mee te doen met roken, blowen, alcoholgebruik,
winkeldiefstallen of seksuele activiteiten.’