Sociale angst van Roos

Ik was als kind al verlegen. Ik kon niet zo goed leren als de rest en ook had ik een gehoorbeschadiging . Als ik naar school ging droeg ik een gehoorapparaatje. Ik wilde er graag bij horen, maar dat lukte niet altijd.

Op een gegeven moment gingen we verhuizen en kwam ik op een nieuwe basisschool terecht. In het begin had ik wel vriendinnetjes, maar later veranderde dit en stond ik vaak alleen. Ik wilde heel graag met ander kinderen spelen, maar het leek wel of niemand dat met mij wilde.

Ik leerde ‘een Pauw’ te zijn
Mijn ouders zochten stad en land af naar een sociale vaardigheidstraining en uiteindelijk kwam ik terecht bij een orthopedagoog.

Omdat er vrij weinig kinderen op die training zaten, had ik er niet heel veel aan. Ik leerde wel een ‘Pauw’ te zijn in plaats van een ‘Schildpad’  (angstig en teruggetrokken). Rustig en duidelijk zeggen wat mijn mening is en wat ik graag wil, dat moest ik mezelf aanleren.

Op school zonderde ik me af
Toen ik op de middelbare school kwam voelde ik me ontzettend ongelukkig. Ik weet nog dat ik opgetogen op een meisje afstapte omdat ik haar kende van een pottenbakkerscursus, maar ze deed net alsof ik een of andere debiel was en zette me voor schut door me straal te negeren waar anderen bij stonden. Ze keek minachtend naar mijn kleren en rolde met haar ogen. Ik voelde me verschrikkelijk.

Ik had uiteindelijk een meisje gevonden waar ik mee optrok, maar eigenlijk was dat helemaal niet mijn type en ik bleef me ongelukkig voelen.

Gelukkig kon ik naar een andere school en daar had ik het beter naar mijn zin. Totdat de mensen met wie ik optrok het jaar erop naar het VWO verhuisden. Ik voelde me weer alleen.
Ik probeerde om tussen allerlei groepjes te komen, maar het waren allemaal hechte clubjes die geen nieuwkomers ertussen wilde laten. Op school zonderde ik me af en niemand keek naar me om.

Het maalde maar door me heen: “ik moet iets leuks vertellen”
Ik kon toen nog niet goed naar mezelf kijken en mijn gedrag veranderen, omdat ik me zo afgewezen voelde. ‘Het ligt aan mij. Ik ben gewoon niet leuk genoeg’, dacht ik.

Toen ik van school afkwam (ik had met heel veel moeite toch mijn diploma gehaald) voelde ik me meer bevrijd, maar elke keer weer voelde ik me zo onzeker als ik weer in groepjes kwam. Ik ging er dan wel bij staan, maar ik kon niet altijd goed horen wat ze zeiden vanwege mijn gehoorbeperking. Iedere keer opnieuw dacht ik: ‘ik moet iets vertellen wat ze leuk vinden.‘ En dat maalde maar door me heen, zo erg, dat ik niet meer kon volgen waar het gesprek over ging omdat ik alsmaar met mijn eigen gedachten bezig was. Ik blokkeerde daardoor volledig. Ook vond ik het verschrikkelijk dat ik soms van die rode vlekken in mijn gezicht had. Ik was er de hele dag mee bezig om ze weg te werken en was bang dat anderen het heel goed zouden zien.

Ik zei telkens opnieuw tegen mezelf: “ho, stop”
Via via hoorde ik meer over sociale angst en wat je eraan kunt doen. Omdat ik nu wat ouder was, kon het beter tot me doordringen en ging ik me er meer in verdiepen. Ik ontdekte dat ik heel erg met mijn eigen binnenwereld bezig was. Ik leerde in te zien dat mensen echt niet de hele tijd op me zouden gaan letten; ze vinden andere dingen belangrijker. Ik leerde ook om me naar buiten te richten: wat zie ik om me heen, wat hoor ik? Iedere keer opnieuw was het een uitdaging om niet in de valkuil te trappen van mijn eigen binnenwereld. Ik zei telkens opnieuw tegen mezelf: ‘ho, stop’, als ik weer begon te malen.

Ik ging eerst individueel met mensen praten en contact maken en toen dat goed ging, bouwde ik wat meer zelfvertrouwen op. Daarna begon ik met kleine groepjes. En nu ben ik soms trots op mezelf als ik op een totaal onbekend groepje afstap en dan mezelf heel kordaat voorstel: ‘hallo, ik ben Roos, ik vind het leuk om jullie te leren kennen, want ik ben nieuw hier.’ Mensen reageren heel positief en dat geeft me weer een boost. De onzekerheid en het verlegen zijn liggen nog wel op de loer, maar ik weet nu wat ik eraan kan doen!