Stephanie: ‘Mijn mobieltje heeft me de zomer door geholpen’


Stephanie, haar vriendinnen noemen haar Stef, is 14 jaar. Ze houdt van drummen en kickboksen. Ze zit op het vwo, een laptopschool. Ze gebruiken er geen boeken, alles gaat met nieuwe media. De laatste weken van het afgelopen schooljaar ging het goed mis met haar. Ze ging nauwelijks nog naar school. Ze durfde het huis niet uit. Door haar neus! De vakantie werd een ramp. Negen weken lang bleef ze op bed. Lekker veilig met haar laptop. Haar vriendinnen wilden graag langskomen, maar dat wilde Stef niet. ‘M’n contacten onderhield ik per iPhone. Mijn mobieltje heeft me de zomer doorgeholpen.’
 

‘Ik voelde me schuldig’

Stef zou eigenlijk met haar vader en moeder op vakantie naar Frankrijk gaan. Haar beste vriendin mocht mee. Maar dat ging niet door. ‘Dan maar daagjes uit en varen met ons bootje in Loosdrecht’, zei haar moeder. Maar ook dat zat er niet in.
‘M’n ouders wilden niet zonder mij weg’, vertelt Stephanie. ‘M’n vader nog wel, maar m’n moeder niet. Uiteindelijk ging niemand. Daar voelde ik me vreselijk schuldig over. Maar ik kon niet anders! Naar buiten gaan zou betekenen dat iedereen m’n neus zou zien. En dat kon natuurlijk niet! Thuis hadden we er hele discussies over. ‘M’n moeder begreep me wel. Maar m’n vader niet. Zelfs z’n vrienden bemoeiden zich ermee. ‘Nee joh je bent mooi. Je moet je je er over heen zetten.’ Dat soort opmerkingen kreeg ik over me heen. Die kwetsten me. Echte mannenopmerkingen. Als het niet gaat, dan gaat het gewoon niet! Dat ontkennen maakte het alleen maar erger.’

Heel vroeg erbij

Inmiddels gaat het een stuk beter met Stephanie. Ze gaat in ieder geval weer naar school. Sinds oktober is ze in therapie bij het AMC. Ze is de jongste die ooit in Nederland voor BDD in behandeling ging. Zelf weten Stef en haar moeder goed te vertellen waardoor dat komt. Stephanie: ‘Ik denk dat ik al snel in de gaten had dat er iets mis met me was. Toevallig zag ik in die tijd de uitzending van Breingeheim.
Toen herkende ik het. En ik heb de mazzel gehad dat ik een moeder heb die er boven op zat.’
Een paar maanden eerder had haar moeder al aan de bel getrokken bij de hulpverlening. ‘Omdat het niet lekker ging met Stephanie’. Maar daar kwamen ze niet verder dan wat opvoedtips. Ze zat immers midden in de puberteit! Toen hoorde ik de aankondiging van het programma Breingeheim, met de zin ‘Ik ben mijn neus’. En toen dacht ik direct: Dit is Stephanie! We hebben er toen samen naar gekeken.’

Moeder zette door

Het had nog aardig wat voeten in de aarde, voor ze in het juiste hulpverleningscircuit kwam. De huisarts van het gezin had nog nooit van BDD gehoord. Maar haar moeder zette door. Uiteindelijk kwamen ze terecht bij het AMC. Bij Nienke Vulink, de psychiater in het bewuste programma. Sinds de eerste gesprekken met Nienke gaat het al een stukje beter met Stephanie. ‘Ze begreep me direct. Het was zo fijn dat ik er met haar gewoon over kon praten.’

Vaste rituelen voor de spiegel

Stephanie: ‘Soms stond ik uren voor de spiegel te wachten. Meestal zat het niet goed met m’n neus. Dan maar wachten tot het moment dat het wél goed zat. Dan kon ik naar buiten. Want het beeld van mezelf verandert steeds. Het ene moment gaat het wel, maar vijf minuten later kijk ik in de spiegel en dan denk ik: Wat is dit?’ Ze probeert haar neus dan te maskeren met poedertjes, met lichter maken, donkerder maken. En dan, eenmaal buiten, is het vaak weer helemaal mis. Want dan denkt ze dat iedereen ziet dat er wat aan gedaan is.

‘Geen mogelijkheid om alleen te zijn’

Momenteel brengt ze niet langer dan een uur voor de spiegel door. Met haar vrienden praat ze er openhartig over. En ze gaat weer overal naar toe. Althans, bijna naar alles. Laatst ging haar klas drie dagen naar Maastricht. Dat was nog teveel voor haar. Stephanie: ‘Met z’n allen in de badkamer. Iedereen loopt in en uit. Geen mogelijkheid alleen te zijn, voor de spiegel. Je hebt toch je rituelen die je in een bepaalde volgorde doet. Dan moet niemand je onderbreken. Als je dan ook nog vast zit aan de verplichting dat je om acht uur met de hele klas moet ontbijten. Dat gaat gewoon nog niet!’